Bierbeekse boeren doen aan circulaire koolstofopbouw

Thema

Bodem

Gebied

Vlaams-Brabant

Status

Actief
01/06/2021 - 30/06/2023

Projectomgeving

Operationele groep
Contactpersoon

Joost-Pim Balis
016 28 64 28
joostpim.balis
@boerennatuur.be

Doelstellingen

De belangrijkste doelstelling is om zoveel mogelijk (versnipperd) onbehandeld houtig materiaal dat beschikbaar is in de gemeente ter plaatse aan te wenden voor hergebruik ter bevordering van de koolstof (C)-opbouw in de bouwvoor, via inwerking in de bodems van de Bierbeekse landbouwpercelen. Het inwerken van houtsnippers zorgt voor een robuustere en gezondere bodem die het water beter kan vasthouden. De techniek kan ook gezien worden als een maatregel om de kringloop van koolstof (en houtige biomassa) lokaal te sluiten (naar schatting levert een dosis van 10 ton/ha na verloop van enkele jaren een netto koolstofopslag van 1,4 ton/ha of 5,1 ton CO²-equivalent). Het is eveneens de eerste keer dat we op grotere schaal dergelijke proefpercelen willen aanleggen. Dit brengt eveneens enkele logistieke uitdagingen met zich mee.

Lees meer

Vele landbouwpercelen op het grondgebied van Bierbeek zijn sedert MAP 6 (dat nog sterker inzet op een gebiedsgerichte benadering) ingedeeld in de gebiedstypes 2 en 3 en onderhevig aan extra gebiedsgerichte  maatregelen  waaronder een lagere N-bemestingsnorm (enkel voor de norm werkzame stikstof) en de verplichte inzaai van vanggewassen. Hoewel hiervoor vrijstelling kan bekomen worden na een gunstige bedrijfsevaluatie van het nitraatresidu, verdient een langetermijnstrategie ter verbetering van de bodemkwaliteit alle aandacht en inspanningen. Hergebruik van deze houtige fractie is qua duurzaamheid perfect te verantwoorden aangezien hergebruik helemaal bovenaan gesitueerd is in de hiërarchie van de ladder van Lansink. De opbouw van organische stof in de bodem d.m.v. C-binding aan de bodemcomplexen kan o.m. bekomen worden door deze houtige fractie onder te werken in de bouwvoor. Op korte termijn kan de N-immobilisatie die optreedt bij de afbraak van de houtsnippers in de bodem zorgen voor een daling van het nitraatresidu en het voorkomen van nitraatuitspoeling tijdens de winter. Op langere termijn neemt het organische-stofgehalte van de bodems toe waardoor hun intrinsiek N-leverend vermogen verbetert en hun behoefte aan rechtstreekse N-input door bemesting vermindert. Vanuit duurzaamheidsoogpunt geniet een lokaal hergebruik uiteraard ook de voorkeur gezien de logistieke uitdaging om deze houtige fractie oordeelkundig te spreiden over de bodems en in te werken. Overbodige transporten naar buiten de gemeente worden aldus vermeden. De keuze voor deze houtsnippers is niet toevallig gezien de aanzienlijke volumes die jaarlijks kunnen geproduceerd worden binnen de gemeentelijke werking en gezien de eventuele beschikbaarheid van een verwerkingsinstallatie van een gespecialiseerde loonwerker. Deze houtsnippers hebben ook de potentie om het organische-C-gehalte aanzienlijk sneller te verhogen dan organische mest, teeltresten en zelfs compost. Houtsnippers hebben nl. een hogere C/N-verhouding en een hoog gehalte aan resistent organisch materiaal waardoor ze trager afbreken en meer effectieve organische koolstof in de bodem brengen, waardoor de koolstofvoorraad duurzamer wordt opgebouwd. Bovendien bieden bodems met een hoger organische-stofgehalte naast een beter nutriëntenbindend en –leverend vermogen (dus niet enkel voor stikstof) ook een extra weerstand tegen erosie omwille van de betere bodemstructuur en reguleren ze beter de waterhuishouding. Deze bodems worden ook donkerder waardoor ze sneller opwarmen in het voorjaar en zijn weerbaarder tegen extreme weersomstandigheden (droogtestress, wateroverlast). Deze parameters bepalen samen de algemene bodemkwaliteit en genereren aldus een verhoogde bodemvruchtbaarheid (hoger opbrengstpotentieel en hogere kwalitatieve oogstproducten). Hieruit blijkt de absolute meerwaarde van dit projectidee voor de landbouwsector gezien de gestelde verwachtingen rond opbrengstverhoging.  

Een andere doelstelling bestaat erin om een logistiek kader uit te werken met de verschillende partners o.b.v. de verschillende samenwerkingsverbanden tussen de individuele land- en tuinbouwers, de landbouwraad, de gemeentelijke groendienst en de loonwerker(s). Er zijn immers verschillende werkzaamheden nodig om houtsnippers uit houtkanten te betrekken: oogsten, hakselen, transporteren, uitrijden en inwerken. Er dringt zich hierbij een evenwichtig beheer op van de houtkanten via een planmatige aanpak en dit biedt perspectief om meer ruimte te bieden aan houtkanten in het agrarisch landschap, die een nieuwe economische rol en ecosysteemdienst kunnen vervullen als bijkomende koolstofopslagplaatsen (naast grasland, het inwerken van gewasresten, het verhogen van het areaal groenbedekkers,…). De vraag naar een verdienmodel werpt zich derhalve op, waarbij de voordelen van deze maatregel zich uitstrekken tot het volledige ecosysteem. Nog een bijkomende doelstelling is dat de gemeente Bierbeek, naast het beheer van de bestaande houtkanten, samen met de landbouwers nieuwe houtkanten (o.a. in het kader van de lopende ruilverkaveling Willebringen) wil aanleggen die in het goedgekeurde hollewegenbeheerplan met een duidelijke beheervisie zijn opgenomen en 1 of meerdere op- en overslaglocaties die zo goed mogelijk afgestemd zijn op de bestaande en nieuwe houtkanten. Deze locaties dringen zich op gezien het huidige gemeentelijk recyclagepark binnen 2 à 3 jaren zal verdwijnen wegens herlocatie en opname in het kader van het masterplan van Ecowerf  (nieuwbouw intergemeentelijk diftar-containerpark).  

  • Actie 1: Uitbouw van een logistieke keten. In kaart brengen van huidige situatie en beschikbare biomassa
  • Actie 2: Homogenisatie van de batchen van houtsnippers dmv staalnames
  • Actie 3: Toepassen van houtsnippers en monitoring van de effecten op bodemprocessen.
    • Aanleg van proefpercelen met houtsnippers, er wordt eveneens een controlevlak voorzien
    • Strokenproeven met beschikbare fracties: niet-gezeefde fractie, fijne fractie, grove fractie, controle
    • Gradueel openvoeren van de houtsnippers na analyse met Veris-bodemscan
  • Actie 4: Communicatie

Projectpartners

Landbouwraad Bierbeek (promotor), Boerennatuur Vlaanderen, Bodemkundige Dienst van België, Groendienst gemeente Bierbeek, Innovatiesteunpunt Boerenbond

Met steun van

Met steun van ELFPO, Europeer Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland’, www.vlaanderen.be/pdpo

Menu