Keverbanken: wat, waarom en hoe?

Nieuws

Nieuwsberichten

Keverbanken: wat, waarom en hoe?

Datum

Thema

Biodiversiteit

Gebied

Antwerpen, Limburg, Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant, West-Vlaanderen
Contactpersoon

Korneel Verslyppe
0470 36 31 01
korneel.verslyppe
@boerennatuur.be

Een keverbank is een verhoogde strook akkerland begroeid met ruige, polvormende grassen en bloeiende kruiden. Deze strook ligt in het midden of langs een akker en is ongeveer een halve meter hoog en twee tot drie meter breed. Keverbanken kennen hun oorsprong in de vroege jaren ‘80 in Engeland, waar ze als landbouwkundige maatregel werden ingezet voor de overwintering van nuttige insecten zoals loopkevers en spinnen. Nadien bleken deze keverbanken ook een positief effect te hebben op grondbroedende akkervogels zoals de patrijs.

Als landbouwer kan je keverbanken aanleggen om een robuuste populatie nuttige insecten op te bouwen die aan plaagbestrijding doen op de omliggende akkers. Hierdoor hou je het aantal schadelijke insecten op je teelten onder controle, heb je minder gewasbeschermingsmiddelen nodig en werk je dus kostenbesparend. Daarenboven investeer je niet alleen in het aantrekken en overleven van nuttige insecten, maar geef je door de aanleg van één of meerdere keverbanken ook een duwtje in de rug aan verschillende in ons landbouwgebied voorkomende soorten zoals hazen, patrijzen en kleine zoogdieren!

Aanleg van een keverbank in het PARTRIDGE demogebied in Boekhoute (Assenede) in het voorjaar van 2018. © Boerennatuur Vlaanderen.

Ecologische optimalisatie

Onderzoek toont aan dat patrijzen keverbanken gebruiken als nestplaats en dat de aanwezige vegetatie insecten aantrekt die dienen als voedsel voor hun kuikens. De ophoging vermijd dat het nest uitgespoeld wordt na een zware regenbui. Een aandachtspunt bij keverbanken die ingezet worden voor patrijzen en andere akkervogels is het grotere predatierisico (= het risico om opgegeten te worden door roofdieren). Keverbanken zijn smalle, lineaire structuren waardoor het risico op predatie door bv. vossen of roofvogels groter is. Zeker als er geen andere landschapselementen of schuilgelegenheid in de buurt is. Roofdieren vinden er de nesten van grondbroeders zoals patrijs veel sneller en worden ook aangetrokken door dergelijke landschapselementen of lopen erlangs. Dit kan deels opgelost worden door ervoor te zorgen dat de keverbank in het midden van je akker ligt en niet aansluit op de uiteinden van het perceel. De afstand tussen de rand van het perceel en de uiteindes van de keverbank kan je laten afhangen van de breedte die je nodig hebt voor je machines. Een andere oplossing is de inzaai van een voldoende brede bloemenrand langsheen de keverbank, die dienst doet als schuilplaats. Hoe breder deze rand is, hoe lager het risico op predatie, met een minimum van 6 m.

Om het ecologisch effect van keverbanken nog te vergroten kan je nog een aantal zaken extra doen, zoals het aanplanten van kleine groepjes struiken (2 à 3) om de 20 à 30 meter. Dit creëert extra nesthabitat, schuilgelegenheid en vormt een extra voedselbron via de aanwezige bessen en de nectar van de bloemen. Interessante struiksoorten hiervoor zijn: meidoorn (Crataegus monogyna), sleedoorn (Prunus spinosa), hondsroos (Rosa canina), wilde kardinaalsmuts (Euonymus europaea), bosroos (Rosa arvensis), wilde liguster (Ligustrum vulgare). Dergelijk struweel vereist heel weinig onderhoud en kan interessant kan zijn voor soorten zoals geelgors en grasmus, meer daarover lees je hier. De aanplant van braamstruwelen of bessenstruiken zijn ook te overwegen door de relatief beperkte hoogtegroei en omdat dit geen verboden te wijzigen vegetaties zijn volgens het Vegetatiebesluit. Indien gewenst kan je zo na verloop van tijd je percelen opnieuw normaliseren zonder restricties.

Een andere mogelijkheid is het aanleggen van een braakstrook van een werkgang breed langsheen de keverbank. Deze braakstrook dien je regelmatig te schoffelen om de bodem open te houden.  Een braakstrook is de ideale plaats voor patrijzen en andere soorten om op te drogen na een regenbui of om een stofbad te nemen tegen parasieten. Daarnaast kan het ook als buffer dienen tegen de gewasbeschermingsmiddelen die je toepast op de teelt ernaast.

Europees project PARTRIDGE

Keverbanken zijn, op enkele experimenten uit het verleden na, nieuw in Vlaanderen. In kader van het Europese project PARTRIDGE werden in 2017-2018 een aantal keverbanken aangelegd in Vlaanderen:  1 in het demogebied in Ramskapelle (Nieuwpoort) en 2 in het demogebied in Boekhoute (Assenede). Dit met als doel samen met de lokale boeren praktijkervaring op te doen met de aanleg en het beheer ervan en ook om deze beheermaatregel ingang te doen vinden in het beleid. Wat o.a. naar boven kwam is dat, afhankelijk van de hoeveelheid grondverzet, er een stedenbouwkundige vergunning nodig is voor de aanleg. M.b.t. de opgedane praktijkervaring schreef projectpartner Inagro een interessant rapport, meer info vind je hier. Ook in Nederland werden een aantal keverbanken aangelegd en daar bleek uit onderzoek een groot positief effect op de insectenpopulaties. Na twee jaar blijkt het aantal insecten bij een keverbank bijna twaalf keer hoger dan op reguliere landbouwgrond. Meer daarover lees je hier.

Twee keverbanken in de percelen in het PARTRIDGE demonstratiegebied in Rotherfield (UK). © Boerennatuur Vlaanderen

In Vlaanderen?

Een keverbank neemt wel wat ruimte in en betekent voor de landbouwer dus wel dat een stuk grond van het perceel niet bewerkt kan worden en dus voor een stuk ook inkomstenverlies. Momenteel krijgen landbouwers in Vlaanderen evenwel nog geen vergoeding voor het toepassen van deze maatregel. In Nederland is dit wel het geval en werden keverbanken onder impuls van het PARTRIDGE project opgenomen als beheermaatregel in het stelsel voor agrarisch natuurbeheer. Een cruciale voorwaarde om dit ook bij landbouwers in Vlaanderen ingang te doen vinden is, naast een vergoeding voor aanleg en beheer, een vrijstelling van de hoger omschreven vergunningsplicht.

Keverbanken die vanaf de start goed aangelegd worden, hebben in de eerste 5 à 10 jaar na aanleg amper beheer nodig. Samen met hun wetenschappelijk bewezen nut en meer permanente karakter vormen ze een interessant landschapselement ter ondersteuning van de (functionele) biodiversiteit in ons Vlaamse landbouwlandschap. Zeker op plaatsen waar geen of weinig kleine landschapselementen aanwezig zijn. Keverbanken zouden ook potentieel interessant kunnen zijn op erosiegevoelige percelen om infiltratie van regenwater te bevorderen en erosie van vruchtbare bodem te vermijden. Mogelijks kunnen landbouwers met aanpalende percelen ook samenwerken en bijv. een keverbank leggen op de grens tussen deze percelen zodat ze elk maar de helft van hun grond hoeven in de zetten.

Praktische factsheet

Overtuigd? Wil je zelf ook een keverbank aanleggen? Ontdek alle nodige info over het benodigde materiaal, type graskruidenmengsel… in onze nieuwe praktische factsheet. Aarzel niet om ons te contacteren voor bijkomend advies!

Bekijk zeker ook onderstaand filmpje: